Absolute Beginners (64)
Intro (49)
De machine (23)
Inhoud Naadjes (13)
Voorspel (59)
Bureaublad (79)
Menu's (1)
Apple-menu (8)
Regelpanelen (18)
Klarus Werken (3)
Dossier X (14)
De Waan Van De Dag (6)
Sientje en Kerst in China december 2007
Sientje en Kerst in China april 2008
Kerst Das
Jaap Das Gedichten
AppleBits
TidBits US
One More Thing
Apple Insider
The Mac Observer
Mac OS Rumors
Mac Rumors
MacWorld
MacFixIt
MacNN
Versiontracker
Serialz
MacMotherShip
Crazy Apple Rumors Site
Folklore Macintosh
1984
Afval en dorre bladeren
Susan Kare krijgt nooit post
Het kwade uur
Kroniek van een aangekondigde dood
De herfst van een Systeem
Alles voor een glimlach
De wijnrepubliek
Vaarwel, Universele Toegang Regel Paneel
De bekering van de Ramers
FD
De vermeende heilzame werking van de Frits van Turenhout's Brilstand Tab
Men herkent het Regelpaneel meestal niet aan het lied dat het zingt
Eli, de fanaat
Loslaten
Maarten!
Leren's klacht
Gods potsenmakers
En hoe de neuk spreken we dat uit?
Wilde katten
Is-i ut wel?
De sterfhuisconstructie
Pulpversies
Preemptieve multivitamine
Bureaublad herwonnen (Milton)
Een onafzienbare rij van Potemkin dorpen
Een rondgang langs de elementen van het Mac OS X bureaublad
En gie gelooft 't
Vaders en zonen
Herinnert u zich deze nog? (1. het duizenddingendoekje)
Herinnert u zich deze nog? (2. het afscheur-applicatie-menu)
Herinnert u zich deze nog? (3. De wrok van het vuilnisvat)
All Music Guide
IMdB
Cinema
Geschiedenis TV
Webwereld
You Tube
Google video
FlickR
De nieuwe reporter
Villa Media
Online Journalism Review
Nieman Reports
Columbia Journalism Review
American Journalism Review
Center for Public Integrity
Fund for Investigative Journalism
The Alicia Patterson Foundation
The Soros Foundation's
Kinky Friedman
Geheugen van Nederland
Uitzending gemist
Buien
Trouw
Het Parool
Süddeutsche
Der Spiegel
The New York Times
OB Amsterdam
OB Hoogeveen
Filmsite
Moviecenter
Beeld en Geluid
CIA World factbook
Omroep geschiedenis
Wikipedia
Zappa Wiki Jawaka
Dylan lyrics
Filmmuseum
KB
Men herkent het Regelpaneel meestal niet aan het lied dat het zingt
Google

WWW http://www.lerenappelen.nl

Het was in de eerste klas van het Gereformeerd Gymnasium tijdens het vak ‘Bezigheden’ dat, zo’n dertig jaar geleden, ik voor het eerst kennis maakte met ex-veroordeelde Alberto Pelagutti. Gevalletje van op de verkeerde plek op het verkeerde moment. Kan gebeuren. Daar helpt geen Universele Toegang Regelpaneel aan. Met of zonder de Frits van Turenhout Brilstand Tab. Dat wist Juvenalis ongeveer negentienhonderd jaar terug al treffend te verwoorden: (briljant vertaald door M. d’Hane-Scheltema) “Het volk lijdt hier, ja sterft aan slaapgebrek, een kwaal die gaat gepaard met slechte spijsvertering en zuur en maagkramp, omdat huuretages geen slaap gedogen. Nachtrust is in Rome slechts rijkelui gegund. Vandaar die klachten... Het wielgeratel in de kronkelstraten, het schelden van het opgepropt verkeer maakt Claudius en elke zeehond wakker. En als een rijke vent zijn plicht moet doen, kan hij per draagstoel gaan op hoog niveau, ver boven het gepeupel dat wel wijkt terwijl hij leest of schrijft of fijntjes indut, want achter die gordijntjes slaap je zo. Zo’n rijkaard - slaap of niet- is altijd eerder, maar ik stuit in mijn haast steeds op een horde pal voor me uit, en ook van achteren worden ze lastig met hun elleboog of staak; soms krijg ik planken naar mijn kop of emmers! Modder spat tot mijn knieën en hoe vaak staat iemand op mijn voet, of boort opeens de spijker van een vechtlaars door mijn teen. En dan die walm, wanneer een picknickclub passeert: wel honderd man met eigen keuken; een stakker van een slaaf rept zich met potten in stapels op zijn hoofd en houdt bij het gaan ook nog een vuurtje wakker. Dat presteert niet iedereen. En krats! daar scheurt een jas – pas van de naaister – want er moet een kar door met puntig sparrenhout, en daar nog meer met pijnboomstammen die vervaarlijk zwiepen. Stel dat zo’n wagen met Ligurisch marmer gaat kiepen en zijn vracht uitstort op ons! Wat denk je dat er van ons wordt? Geen spoor van armen, benen, botten, niets! Verpletterd gaat in één zucht de kleine man teloor. Thuis weten ze van niets, ze wassen borden, blazen het vuur wat op, de krabbers worden bij ‘t bad gelegd met oliefles en handdoek. Je hoort ze bezig, maar meneer vertoeft reeds aan de Styx als jongste schim, vol huiver voor Charons grim gelaat en ziet zich reeds de modderige overtocht ontgaan, omdat zijn arme ziel geen stuiver meekreeg...

Maar er dreigt meer nog. Denk maar eens hoe ‘s nachts een dakpan van heel hoog jouw hersenpan ontmoeten kan, hoe vaak kapotte kruiken het raam uit vliegen en met volle kracht de stoep beschadigen. Je bent wel stom of heel naïef wanneer je gaat dineren zonder een testament op zak, want ‘s avonds kan ieder open venster, waar nog licht is, je noodlot zijn, als je daar loopt te lopen! Heus, je mag blij zijn en de hemel danken wanneer het blijft bij lege schalen smijten, want als een dronken vechtjas juist die avond nog niemand heeft geraakt, krijgt hij zo’n zin dat hij van narigheid, net als Achilles die treurde om zijn vriend, zijn rust niet vindt; zo’n vent moet vechten voor hij in kan slapen, dat is nu eenmaal zo. En toch, hoe dronken en onvolwassen ook, hij kijkt wel uit als er een toga nadert in gezelschap van fakkels, bronzen lampen en veel makkers. Maar mij ontmoet hij graag, want ik heb niets dan maanlicht bij me of een zuinig lampje met lage pit. En dan begint aldus het voorspel tot de twist – als twisten is dat eentje slaat en ik er slechts van lust –: hij springt vlak voor me en roept “halt”. Ik halt, wat moet ik anders? Hij is als bezeten en sterker ook. “Zo, heb jij weer gegeten?” schreeuwt hij. “Jij stinkt naar bonen en azijn. Wie is de patjepeeër die met jou z’n pot met prei en ramsvlees heeft gedeeld? Je antwoord niet? Moet je een schop? Zeg op, waar werk jij overdag? Of moet ik zoeken in synagoges of zoiets?” Maar of je nu wel antwoorden wilt of niet, en wegloopt, maakt geen verschil: ze slaan je neer en dienen de dag erna heel boos een aanklacht in! De vrijheid van een arme man betekent dat hij gebeukt en bont en blauw geslagen hun smekend vraagt, met wat hem rest aan tanden, naar huis te mogen gaan. Maar dan nóg steeds, als alle huizen stil zijn, alle winkels alom gegrendeld dicht zijn, loeren er straatrovers of een vent die met een mes heel korte metten maakt! Dat soort gespuis wordt van Pontijns moeras en Cumaes bossen, sinds men daarginds gewapend toezicht houdt, naar hier gejaagd als naar een park vol prooi. Vandaar die kilo’s boeien die men smeedt in elke smidse hier. De ijzervoorraad wordt grotendeels daaraan besteed, zodat een hark of ploegschaar schaarse dingen worden. Hoe zalig leefden onze voorvoorvaders toen koning en tribuun de eeuw regeerden en Rome met één kerker kon volstaan...”

Ook Amsterdam bezat in de zestiger jaren een veelvoud aan cellen. De basisles die alle bajesklanten toentertijd leerden: zeg altijd wat men verwacht dat je zeggen zal en zing het lied dat hun vermag te bekoren. Alberto Pelagutti had dat duchtig en duurzaam tussen de oren geprent; het Universele Toegang Regelpaneel in de modus Frits van Turenhout’s Brilstand Tab herkent met als VoiceOver ingeschakeld is echter moeiteloos aan zijn lied.